❌

Normal view

Received — 1 October 2026 ⏭ AccountancyVandaag

De overdracht begint niet bij de notaris. Die begint bij jou.

1 October 2026 at 10:00

Je tekent de jaarrekening van een trouwe klant. De zaakvoerder is 62. De vennootschap draait goed. De rekening-courant is opgelopen tot een niveau waar je al drie jaar voorzichtig iets over zegt. De oudste dochter werkt mee in het bedrijf, de jongste studeert nog. Er is geen aandeelhoudersovereenkomst. Geen testament. Geen plan.

Je weet het. Hij weet het waarschijnlijk ook. Maar het gesprek vindt niet plaats.

Een probleem dat al dertig jaar niet verschuift

75% van de bedrijfsleiders boven de 60 heeft geen opvolgingsplan.

Dat cijfer is opvallend, maar wat het echt verontrustend maakt: het is in dertig jaar niet veranderd. Niet door gebrek aan informatie, opleidingen of fiscale stimulansen. Maar omdat de overdracht van een familiebedrijf raakt aan iets wat geen fiscaal instrument oplost: identiteit.

Een ondernemer die dertig jaar heeft opgebouwd, ervaart zijn vennootschap niet als een lijn op de balans. Het is tastbaar, zichtbaar, opgebouwd uit producten, personeel en gebouwen. Het draagt het gewicht van een levenswerk. En “overdragen” voelt dan niet als plannen. Het voelt als loslaten.

Dat verklaart waarom zelfs goed geïnformeerde ondernemers het gesprek uitstellen. Niet uit onwil. Uit ongemak.

Jij ziet wat anderen niet zien

Een notaris komt in beeld op het moment van de overdracht zelf. Een bankier kent het financieel vermogen, maar niet de familiale context.

Jij zit anders. Als accountant zie je het professioneel vermogen en het privévermogen. Je kent de vennootschapsstructuur, de groepsverzekering, de VAPZ, de dividendpolitiek. Je ziet de rekening-courant oplopen. Je merkt dat de dochter als werknemer op de loonlijst staat maar geen aandelen heeft. Je weet dat het huwelijkscontract dateert van het eerste huwelijk, terwijl de klant al tien jaar hertrouwd is.

Dat totaalbeeld heeft niemand anders. Niet de notaris, niet de bankier. Jij hebt het, omdat je elk jaar terugkomt. Omdat de klant je vertrouwt met zijn cijfers en daarmee impliciet ook met zijn verhaal.

Het punt is: dat totaalbeeld is precies wat nodig is om de overdracht bespreekbaar te maken. Niet met een fiscale simulatie als vertrekpunt, maar met de vaststelling dat er gaten zitten in het plaatje.

Privé en professioneel lopen door elkaar

Bij ondernemersfamilies is de grens tussen het bedrijf en het privéleven zelden scherp. Zakelijke beslissingen worden aan de keukentafel genomen. De vakantie wordt onderbroken door een telefoontje. De kinderen groeien op met het gevoel dat het bedrijf altijd voorgaat.

Die verstrengeling bepaalt hoe de overdracht verloopt. Een kind dat jaloezie voelt tegenover het bedrijf, omdat het alle tijd van de ouder opslokte, benadert de opvolging anders dan een kind dat vanaf de tienerjaren bij gesprekken werd betrokken. Een ondernemer wiens identiteit volledig met de vennootschap is versmolten, zal het veel moeilijker hebben om los te laten dan iemand die andere ruimtes in het leven heeft bewaard.

Je hoeft die dynamiek niet te diagnosticeren. Je hoeft ze alleen te herkennen. En je kunt haar herkennen, want je ziet de cijfers die eruit voortkomen: de onlogische bestuurdersvergoedingen, de auto op naam van de vennootschap die eigenlijk voor de zoon is, de leningen tussen vennootschap en privé die steeds ingewikkelder worden.

De volgende generatie denkt anders

Er is nog een verschuiving die het gesprek dringend maakt. De volgende generatie stelt andere vragen over vermogen dan hun ouders.

Waar de oprichter denkt in termen van opbouwen en beschermen, denkt de erfgenaam in termen van betekenis en autonomie. “Wil ik dit bedrijf eigenlijk wel overnemen?” is een vraag die dertig jaar geleden niet werd gesteld. Vandaag is ze de realiteit in veel families, maar ze wordt zelden hardop uitgesproken. Niet aan de keukentafel en al helemaal niet bij de adviseur.

Het gevolg: er wordt juridisch van alles geregeld (blote eigendom overgedragen, vruchtgebruik behouden, fiscaal geoptimaliseerd) zonder dat de fundamentele vraag is beantwoord. Wil de volgende generatie dit? En zo ja, onder welke voorwaarden? Met welke beslissingsruimte?

Eigendom overdragen zonder het gesprek te voeren over macht, verantwoordelijkheid en verwachtingen, creëert frustratie die pas jaren later zichtbaar wordt. Meestal op het slechtst mogelijke moment.

Het gesprek dat je kunt starten

In de praktijk raak je er trouwens al aan: elke keer dat je een dividendpolitiek bespreekt, een vennootschapsstructuur herbekijkt, een VAPZ-premie optimaliseert of de gevolgen van een huwelijkscontract doorrekent in de aangifte personenbelasting, zit je midden in de vermogensplanning. Je doet het al. Het enige wat ontbreekt is de stap van de losse puzzelstukken naar het grotere gesprek. En dat gesprek begint met de vragen die logisch voortvloeien uit wat je al ziet.

“Je vennootschapsstructuur is vijftien jaar oud. Past die nog bij waar je over vijf jaar wil staan?” “Je dochter werkt mee maar heeft geen aandelen. Heb je daarover nagedacht?” “Je huwelijkscontract dateert van voor je tweede huwelijk. Klopt dat nog?” “Als jou morgen iets overkomt, weet je partner waar alles staat?”

Dat zijn geen verkoopgesprekken. Het zijn vragen die elke goede accountant zou stellen bij een klant van wie hij het volledige plaatje kent. En elk antwoord opent een deur. Naar de notaris voor het testament. Naar de verzekeringsmakelaar voor de begunstigingsclausules. Naar een vermogensplanner voor het totaaloverzicht. Naar de familie, voor het gesprek dat al jaren wacht.

De overdracht van een familiebedrijf is zelden alleen een fiscaal vraagstuk. Het is een menselijk, familiaal en ondernemingsvraagstuk tegelijk. En de adviseur die alle drie die lagen ziet, is vaak de accountant. Niet omdat hij alles zelf oplost. Maar omdat hij als eerste ziet dat er iets te regelen valt.

Voor wie dieper wil graven: in het witboek van Abbove “De grote vermogensoverdracht” analyseren experts het generatiekader achter deze verschuiving, met praktische inzichten voor adviseurs die tijdens de overdracht relevant willen blijven.

Grant Thornton lanceert Technology Services en slaat brug tussen finance en technologie

30 September 2026 at 22:57

Nieuwe dienstverlening helpt groeibedrijven om technologie te vertalen naar efficiëntere processen en betrouwbare financiële inzichten

Grant Thornton Belgium lanceert Technology Services, een nieuwe dienstverlening die organisaties helpt om hun bedrijfsvoering te transformeren met technologie. Het multidisciplinaire team combineert diepgaande expertise in accounting en finance met praktische ervaring in ERP-implementaties, automatisering, systeemintegraties en rapportering. Daarmee wil Grant Thornton zowel Belgische groeibedrijven als internationale groepen helpen om hun processen schaalbaar te maken, hun datakwaliteit te verhogen en sneller tot betrouwbare financiële en operationele inzichten te komen.

Veel ERP-trajecten starten nog altijd als een IT-project, terwijl beslissingen over workflows, masterdata, goedkeuringsregels, btw-behandeling, kostenallocatie, intercompanyverrichtingen en rapportering rechtstreeks bepalen hoe een organisatie financieel wordt aangestuurd. Wanneer finance pas in een latere fase wordt betrokken, komen tekortkomingen vaak (te) laat aan het licht. Het gevolg: manuele omwegen, bijkomende reconciliaties, inconsistente data en rapporten die onvoldoende aansluiten bij de behoeften van het management.

Technology Services vertrekt daarom niet vanuit een bepaalde technologie, maar vanuit de bedrijfsdoelstellingen en end-to-endprocessen van de klant. Het team analyseert hoe informatie doorheen de organisatie stroomt en vertaalt die operationele en financiële realiteit naar een samenhangend technologisch ecosysteem. De dienstverlening omvat zowel advies en procesontwerp als de selectie, bouw, implementatie, integratie en verdere optimalisatie van oplossingen.

“Een ERP-systeem raakt de kern van een organisatie. Het bepaalt niet alleen hoe transacties worden verwerkt, maar ook hoe het management inzicht krijgt, controles worden ingebouwd en beslissingen worden genomen. Toch wordt finance in veel trajecten nog te laat betrokken. Met Technology Services brengen we financiële, operationele en technologische expertise vanaf dag één samen. Zo vermijden we dat bedrijven enkel een nieuw systeem invoeren en zorgen we ervoor dat technologie ook werkelijk meer efficiëntie, grip en schaalbaarheid oplevert,” zegt Tom De Greef, Managing Director Technology & Accountancy Services bij Grant Thornton Belgium.

Van technologisch advies tot implementatie

Technology Services brengt ERP-systemen, automatisering, integraties en rapportering samen in één verbonden ecosysteem. Daarbij kan ook AI worden ingezet om repetitieve verwerking en controles te automatiseren, afwijkingen sneller te signaleren en informatie vlotter beschikbaar te maken voor rapportering en besluitvorming. Afhankelijk van de processen, uitdagingen en ambities van de klant adviseert en implementeert Grant Thornton de technologie die het best bij de organisatie past.

De dienstverlening richt zich onder meer op:

  • het automatiseren van manuele financiële en administratieve processen, onder meer met behulp van AI;
  • het verbeteren van de datakwaliteit en het creëren van realtime inzicht in financiële prestaties;
  • het afstemmen van operationele workflows op accounting, rapportering en compliance;
  • het integreren van systemen in één verbonden informatie-ecosysteem;
  • het bevorderen van gebruiksvriendelijkheid, opleiding en adoptie;
  • ondersteuning en verdere optimalisatie na de go-live.

Afhankelijk van de noden kan het team ook andere specialisten van Grant Thornton betrekken, onder meer op het vlak van cybersecurity, privacy, interne controles, fiscaliteit en juridische vraagstukken. Zo wordt digitalisering niet als een geïsoleerde technologie-oefening benaderd, maar als een bredere bedrijfstransformatie waarin efficiëntie, beheersing en continuïteit samenkomen.

Technologie die mensen en processen ondersteunt

Grant Thornton legt in zijn aanpak nadrukkelijk de klemtoon op de mensen die met de nieuwe technologie moeten werken. Het team betrekt medewerkers en sleutelgebruikers bij de analyse en het ontwerp, begeleidt testing en datamigratie en ondersteunt de organisatie met opleiding en change management. De dienstverlening stopt bovendien niet bij de go-live: oplossingen worden verder aangepast en geoptimaliseerd naarmate de onderneming groeit en haar behoeften evolueren.

“De echte vraag is zelden welk ERP-pakket een onderneming moet kiezen. Doorslaggevend is hoe je technologie laat werken voor de specifieke processen, mensen en ambities van die organisatie. Door accountingkennis te koppelen aan implementatiekracht overbruggen we de klassieke kloof tussen finance en IT,” besluit Tom De Greef.

Grant Thornton ook Odoo-implementatiepartner

Binnen Technology Services is Grant Thornton ook Odoo-implementatiepartner. Het team kan organisaties begeleiden bij de inrichting en ingebruikname van een Odoo-omgeving wanneer dat platform het best aansluit bij hun behoeften. De focus ligt daarbij in eerste instantie op kmo’s met 10 tot 100 medewerkers die de grenzen van versnipperde toepassingen en manuele processen hebben bereikt en nood hebben aan een geïntegreerde oplossing die met hun organisatie kan meegroeien. Voor internationale groepen kan Grant Thornton Odoo bovendien uitrollen over meerdere entiteiten en landen, met geharmoniseerde processen en rapportering.

Clara, de AI-oefenpartner voor studenten

By: Koen
29 September 2026 at 12:07

Claritalk lanceert AI-rollenspel voor hogescholen en accountantskantoren

In 2025 zette Claritalk zich stevig op de kaart in de accountancysector. De stap naar het onderwijs volgde snel. Logisch, want accountant staat nog altijd bovenaan de lijst van knelpuntberoepen. Wie dat tekort wil aanpakken, begint bij de opleiding.

Tegelijk zoeken hogescholen naar manieren om AI verantwoord in te zetten. Vives, Arteveldehogeschool, KdG, UCLL en Universiteit Gent werken vandaag al met Claritalk. Ze gebruiken het om gesprekken uit te schrijven, maar ook om studenten gesprekstechnieken en communicatieve vaardigheden te laten oefenen.

Oefenen, ook zonder docent

Al snel kwam de vraag: kunnen studenten ook oefenen als er geen docent beschikbaar is? Het antwoord kwam in september. Claritalk lanceerde toen Clara als AI-rollenspeler. Studenten oefenen er klantgesprekken, presentaties en mondelinge examens mee, ook in andere talen. Na elk gesprek krijgen ze meteen feedback.

Ook de accountancy verandert

De sector zelf staat voor een grote omslag. Kantoren willen hun mensen sneller en beter opleiden in wat vaak hun grootste troef is: het klantgesprek. En vooral het proactieve advies dat daaruit voortkomt.

“Zowel accountants als studenten zagen snel de meerwaarde,” zegt Koen Victor, medeoprichter van Claritalk. “Ze bereiden hun gesprekken beter voor en groeien zo sneller uit tot sterke adviseurs. Bij kantoren haalt Clara het maximum uit elk klantcontact. Bij studenten gaat het om simulatiegesprekken en het uitschrijven van groepswerk. De kern blijft dezelfde: beter advies geven, betere gesprekken.”

De docent aan het woord

“Clara geeft mij als docent de ruimte om te doen waarvoor ik er ben: studenten gericht coachen in hun gesprekstechnieken. Ik voeg mijn eigen scenario’s en beoordelingscriteria toe. Zo kunnen studenten eindeloos oefenen en krijgen ze meteen feedback. Ze groeien sneller en sterker. In de klas kan ik hun vaardigheden daardoor verder verfijnen dan vroeger. Het dwingt mij ook om scherp te stellen wat ik van studenten verwacht, want ik moet het expliciet maken voor Clara. Beide kanten winnen erbij. Zo willen we als opleiding mee vorm geven aan de evolutie van cijferaar naar adviseur.” Lobke Dedrie, Docent Klantgericht Communiceren Accountancy-Fiscaliteit in Arteveldehogeschool

Ook andere richtingen volgen

“Wat begon in de accountancyopleidingen, verspreidt zich nu snel,” zegt Thomas Neirynck, medeoprichter van Claritalk. “Steeds meer onderwijsinstellingen zetten Clara in om gesprekstechnieken te oefenen. Ook juridische, economische, bank- en verzekeringsopleidingen experimenteren er gretig mee. Mijn advies aan elke docent: probeer het zelf. Een gratis licentie is zo aangemaakt.”

Zelf aan de slag? Maak een gratis licentie aan via Claritalk.

Waarom niemand de leidende partner aanspreekt

28 September 2026 at 13:31

Wie een accountancykantoor trekt, krijgt feedback van klanten, van medewerkers en van de cijfers. Over de manier waarop het kantoor geleid wordt, horen ze bijna nooit iets. Hans Vandenberghe is executive coach voor partners van accountancy- en advocatenkantoren. AccountancyVandaag sprak met hem over de partner die niemand aanspreekt en over wat dat een kantoor kost.

Hans, waarom krijgt een leidende partner zo weinig feedback?

Hans Vandenberghe: “Er is niemand wiens taak het is. Een leidende partner heeft geen baas. Waar een zaakvoerder nog een Raad van Bestuur of een CFO heeft die lastige vragen stelt, heeft een partner dat vaak niet. Medewerkers geven al helemaal geen kritiek aan een partner. En de andere partners zijn gelijken. Ze zijn samen eigenaar en ze zitten er vaak voor 20 jaar of langer samen. Wie de leidende partner aanspreekt op hoe hij leidt, zet die relatie op het spel.”

Hoe ziet dat er in de praktijk uit?

“Neem een kantoor met vijf partners. De partner die het kantoor mee leidt, sluit het partneroverleg af met een korte samenvatting en de datum van de volgende keer. Iedereen knikt. Op de parking zegt een van de partners tegen een collega dat de discussie over de nieuwe aanwerving alweer afgekapt werd. De collega knikt. Geen van beiden zegt het tegen hem.”

“Een week later vraagt hij in de gang of het overleg goed liep. ‘Prima’, zeggen ze allebei. Dat antwoord is beleefd en het klopt niet. Wat de anderen echt denken, bespreken ze onder elkaar.”

Is dat zwijgen dan lafheid?

“Ik zie vooral voorzichtigheid tussen mensen die nog jaren met elkaar verder moeten. Een botsing met een partner kost die dag veel, terwijl zwijgen die dag niets kost. Dus kiest bijna iedereen voor zwijgen.”

Wat kost dat een kantoor?

“Het gevolg sluipt erin. De leidende partner blijft doen wat vroeger werkte, want niemand zegt dat het niet meer werkt. De partners die het er niet mee eens zijn, brengen hun punten minder vaak naar het overleg. Ze regelen het onder elkaar. Na een tijd valt de echte beslissing op de parking. Het partneroverleg bekrachtigt dan enkel nog wat al beslist is.”

“Beslissingen die niemand openlijk steunt, worden slecht uitgevoerd. Partners die zich niet gehoord voelen, haken af of vertrekken. Voor een kantoor dat wil groeien of een overname overweegt, is dat een reëel risico.”

Wat kan een leidende partner daaraan doen?

“Stel na het overleg één concrete vraag: wat had ik vandaag anders moeten doen? Zwijg daarna en wacht. Het eerste antwoord is meestal beleefd, dus wacht ook op het tweede.”

“Zoek daarnaast feedback bij mensen die niet van jou afhangen. Partners van andere kantoren hebben geen belang bij jouw goede humeur. Die zeggen wat ze zien.”

Welke vragen raad je een leidende partner aan?

“Vijf vragen die je jezelf eerlijk kan beantwoorden:”

  • Wanneer kreeg ik voor het laatst kritiek op de manier waarop ik het kantoor leid?
  • Van wie kwam die kritiek?
  • Welke discussie heb ik de voorbije maand zelf afgesloten?
  • Wat bespreken mijn partners onder elkaar dat ze op het overleg niet zeggen?
  • Wie buiten het kantoor mag mij zeggen wat die ziet?

“Prima is het woord dat leidende partners het vaakst horen na een overleg. Het is ook het woord waar ze het minst aan hebben.”

Hans Vandenberghe begeleidt partners die een accountancy- of advocatenkantoor trekken. Op 19 november start hij The Partner Circle, een besloten kring voor 10 partners uit Nederlandstalige accountancykantoren in België. 

CODA verwerken zonder onnodige kosten en administratie

28 September 2026 at 10:52

Bankafschriften vormen een vaste schakel in de dagelijkse werking van elk accountantskantoor. Maar ook daar valt tijd te winnen. Tijdens een webinar van AccountancyVandaag (15 september 2026, gemodereerd door Dorien Leyers) vertelden Antonietta Piazza van Codaclean en accountant Junaid Basit van Compta Management Consult hoe automatisering van CODA-stromen eenvoudiger en betaalbaar kan.

Van CODA naar boekhouding

CODA-bestanden bevatten de gecodeerde informatie uit bankafschriften en kunnen rechtstreeks in boekhoudsoftware worden verwerkt. Dat maakt ze een belangrijke bouwsteen voor de digitalisering van financiële stromen. Volgens Codaclean kunnen CODA’s automatisch in boekhoudsoftware worden geïntegreerd, wat handmatige verwerking en de kans op fouten vermindert.

Codaclean bestaat sinds 2019 en werd in 2024 officieel gelanceerd op het ITAA-congres. “Ons platform telt inmiddels ongeveer 800 boekhoudkantoren als klant”, zegt Antonietta Piazza. “Van bij de start lag onze focus op toegankelijkheid.

Digitalisering mag niet automatisch betekenen dat een accountantskantoor grote investeringen moet doen. Daarom positioneert Codaclean zich als een betaalbare oplossing voor kantoren van verschillende omvang.”

Van twaalf banken naar een breder aanbod

Aanvankelijk verwerkte Codaclean CODA-bestanden van twaalf Belgische banken en koppelde het die aan verschillende boekhoudpakketten. Voor kleinere of oudere softwarepakketten werd bovendien een eigen synchronisatietool ontwikkeld.

Antonietta: “Intussen is het aanbod uitgebreid. Eind 2025 kwamen daar loonboekingen bij, die via het platform als CODB-bestanden worden aangeboden. Daarvoor zijn verschillende sociale secretariaten gekoppeld, ook kleinere spelers.”

“In het voorjaar van 2026 volgde een nieuwe stap met Codalight. Daarmee kan Codaclean zelf CODA-bestanden genereren op basis van PSD2-data, inclusief begin- en eindsaldo. Dat kan voor meer dan 1.900 financiële instellingen, waaronder buitenlandse banken. Ook historische ontbrekende CODA-bestanden kunnen via Codalight worden opgevraagd.” 

‘Wij zetten alle klanten op Codaclean’

Junaid Basit van Compta Management Consult werkt al sinds 2022 met Codaclean. Het kantoor telt vijftien medewerkers en was naar eigen zeggen een van de eerste klanten.

Voor hem was vooral de praktische aanpak belangrijk. “We bezorgden Codaclean een Excel-bestand met klantgegevens, waarna de gegevens werden verwerkt. Vandaag kunnen de klantgegevens eenvoudig worden gedownload en worden CODA-bestanden automatisch in de boekhouding verwerkt.”

“Dat levert ons een aanzienlijke tijdswinst op, met ook een uitstekende prijs-kwaliteitverhouding en een eenvoudige overstap. Intussen gebruiken we Codaclean voor al onze klanten. Ze hoeven niet langer zelf bestanden aan te leveren wanneer die automatisch beschikbaar kunnen worden gemaakt.”

Minder administratie rond mandaten

Tijdens het webinar demonstreerde Antonietta Piazza kort de werking van het platform. De omgeving is opgebouwd rond drie onderdelen: Klanten, Mandaten en Archieven.

“In het klantengedeelte kunnen accountants gegevens vanuit Excel importeren. Vervolgens kunnen op korte tijd mandaten worden aangemaakt en verstuurd. Het onderdeel Mandaten biedt een overzicht van de aangemaakte mandaten en de status van de volmachten. Het systeem kan klanten automatisch herinneren om documenten te ondertekenen, onder meer via itsme. In het Archief worden de bestanden verzameld. Die kunnen vervolgens teruggevonden worden in de boekhoudsoftware. Zo kan de gebruiker bijvoorbeeld zoeken op rekeningnummer of naam.”

Betaalbaarheid als onderdeel van digitalisering

De aanpak van Codaclean vertrekt vanuit een eenvoudig uitgangspunt: digitale verwerking moet niet alleen efficiënt, maar ook financieel haalbaar zijn.

Antonietta: “We werken daarom met verschillende abonnementsformules volgens het aantal klanten, waarbij CODA en Codalight zijn inbegrepen en CODB als bijkomende module beschikbaar is. Er is ook ondersteuning bij migratie.”

Junaid vult aan:

“Voor accountantskantoren die hun bankverwerking verder willen automatiseren, ligt de meerwaarde niet alleen in het uitschakelen van manuele handelingen. Ook mandaten, klantgegevens en archivering kunnen in dezelfde digitale flow worden opgenomen.

Zo wordt CODA-verwerking minder een administratieve tussenstap en meer een automatisch onderdeel van de boekhoudworkflow.”

Een brutomarge van 40%? Dat zegt niets, tot je weet wat vergelijkbare bedrijven halen.

28 September 2026 at 10:22

Cijfers zonder context zijn een schoolrapport zonder klasgemiddelde.

Een brutomarge van 40% voelt gezond, tot blijkt dat de best presterende bedrijven in dezelfde vergelijkingsgroep 55% halen. Een omzetgroei van 3% klinkt prima, tot je ontdekt dat het topkwartiel van diezelfde groep met 12% groeit. Zonder context zijn cijfers een schoolrapport zonder klasgemiddelde: je weet dat je een 7 hebt, maar niet of dat goed is. En hoe groter en representatiever die “klas”, hoe betrouwbaarder dat klasgemiddelde.

Van fingerspitzengefühl naar weten

Vraag een ervaren dossierbeheerder hoe een klant het doet ten opzichte van de sector, en meestal heeft die daar meteen een antwoord op. Jaren ervaring, tientallen vergelijkbare dossiers, een goed geheugen: dat “fingerspitzengefühl” is waardevol, maar ook oneerlijk verdeeld. Een junior die pas twee jaar meedraait, heeft dat referentiekader nog niet. Niet omdat hij minder capabel is, maar omdat het hem aan vergelijkingsmateriaal ontbreekt. Zelfs de meest ervaren dossierbeheerder ziet maar zijn eigen klantenportefeuille: een paar tientallen dossiers in een sector, geen duizenden.

Een junior met toegang tot goede benchmarkdata krijgt vanaf dag één toegang tot een referentiekader dat vroeger pas na jaren ervaring ontstond. Niet ter vervanging van ervaring, maar als versneller ervan.

Wanneer is een benchmark eigenlijk bruikbaar?

Een benchmark is maar zo goed als de vergelijkingsgroep erachter. Vier voorwaarden bepalen of een benchmark iets betekent: voldoende omvang, een representatieve peer group, gestandaardiseerde data en voldoende granulariteit. Ontbreekt een van die vier, dan vertelt een vergelijking meer over toeval dan over prestaties.

aiGust bouwde vanuit die vier principes een gedeelde, anonieme datapool van meer dan 25.000 ondernemingen, over kantoorgrenzen heen. Elk aangesloten kantoor ‘geeft’ een beetje geanonimiseerde data en krijgt er sectorinzichten voor terug die met de klantenportefeuille van één kantoor nooit mogelijk zouden zijn. Zo hangt de betrouwbaarheid van een vergelijking niet langer af van hoeveel bakkers, dermatologen of kmo’s toevallig bij één kantoor klant zijn.

Een goede peer group kijkt verder dan de sectorcode

Een goede peer group houdt ook rekening met het type onderneming, niet enkel de sector. Binnen de brede categorie “medische specialisten” maakt aiGust bijvoorbeeld het onderscheid tussen cardiologen en dermatologen: de ene werkt kapitaalintensief met medische toestellen, de andere heeft vaak een substantieel esthetisch, niet-terugbetaald segment. Stop je beiden in dezelfde peer group, dan verdwijnen die verschillen in een gemiddelde dat voor geen van beide iets betekent.

Zonder goede data geen betrouwbare benchmark

Wie betrouwbare benchmarks wil bouwen, moet eerst een semantische laag bovenop de boekhouding creëren: verschillende rekeningnummers moeten herleid worden tot dezelfde economische betekenis. Elk kantoor boekt namelijk anders, rekeningplannen lopen uiteen, en wanneer een dossier van boekhoudpakket wisselt, migreert de historische structuur zelden één-op-één mee. Vergelijk je dan zomaar rekeningnummer per rekeningnummer, dan vergelijk je in werkelijkheid appels met peren.

aiGust doet dat via een eigen labelsysteem dat elke rekening herleidt naar een gestandaardiseerde categorie, ongeacht boekhoudpakket of individuele boekingsgewoonte. Zo kan een accountant niet alleen resultatenposten benchmarken, maar bijvoorbeeld ook balansverhoudingen zoals liquiditeit of schuldgraad, op diezelfde gestandaardiseerde manier.

Benchmarking op het niveau van de jaarrekening geeft al richting, maar is niet altijd genoeg om tot een concrete adviesvraag te komen. Als “diensten en diverse goederen” hoger liggen dan de peer group, weet de accountant nog niet waarom. Door verder af te dalen naar individuele kostencategorieën kan bijvoorbeeld blijken dat specifiek de restaurantkosten afwijken, terwijl de rest perfect in lijn ligt. Dat is ook het niveau waarop aiGust zijn benchmarking heeft opgebouwd.

Een afwijking is een vraag, geen antwoord

Neem een kmo in de kleinhandel die op het eerste gezicht een prima jaar draait: de omzet groeit, er is winst, de brutomarge lijkt gezond. Maar pas door die cijfers naast vergelijkbare ondernemingen te leggen, ontstaat context. Een brutomarge die op zichzelf goed lijkt, kan plots onder het topkwartiel van de peer group blijken te liggen. Dat is nog geen conclusie, maar wel een signaal dat een gesprek waard is: ligt het aan de aankoopprijzen, de verkoopprijzen of de productmix?

“Benchmarking in aiGust plaatst elke klant in perspectief. Net dát is het inzicht dat gesprekken verandert.”, aldus Yannick Vanvoorden, Relatiebeheerder bij BDO Cynex

Datzelfde geldt voor managementvennootschappen: geen personeel behalve de bedrijfsleider, vooral managementvergoedingen, een balans met liquide middelen of vastgoed in plaats van voorraden. Zet je zo’n vennootschap in dezelfde peer group als een operationele onderneming, dan krijg je ruis in plaats van inzicht: een afwijkende personeelskostenratio of omzet zegt dan niets. aiGust herkent managementvennootschappen daarom automatisch als apart bedrijfstype, zodat ze vergeleken worden met gelijkaardige structuren. Pas dan wordt een afwijking, bijvoorbeeld in de bezoldiging van de bedrijfsleider of het rendement op de beleggingsportefeuille, een signaal dat een gesprek waard is.

Van benchmark naar blinde vlek: waar de echte advieskans ontstaat

Een goede benchmark toont waar een dossier staat ten opzichte van zijn peers. De volgende evolutie in benchmarking ligt niet in méér dashboards, maar in het automatisch herkennen van relevante afwijkingen: een dossier dat structureel afwijkt van vergelijkbare ondernemingen, ook wanneer niemand daar expliciet naar vroeg.

Want de blinde vlek van een ondernemer is precies waar de accountant het verschil kan maken. Een klant ziet zijn eigen resultatenrekening, zijn eigen groei, zijn eigen marge, en niets anders. Dat perspectief kan alleen van buitenaf komen. 

“Een ondernemer ziet maar één bedrijf: het zijne. Hij kan onmogelijk weten wat hij niet ziet. Dat is precies waar de accountant het verschil maakt.”, aldus Tim Bottelbergs, CEO van aiGust

Een benchmark vertelt overigens niet wat een ondernemer moet doen. Hij maakt zichtbaar waar het gesprek moet beginnen. De accountant voegt vervolgens context toe, stelt de juiste vragen, begrijpt welke keuzes achter de cijfers zitten en vertaalt het inzicht samen met de ondernemer naar actie.

Benchmarking vervangt het advies van de accountant dus niet. Het maakt dat advies sterker, omdat de accountant sneller ziet welke vragen hij moet stellen. Een brutomarge van 40% blijft een getal, tot een accountant toont dat vergelijkbare bedrijven 55% halen en samen uitzoekt waarom. Zo wordt benchmarking geen doel op zich, maar een hulpmiddel om betere adviesgesprekken te voeren.

Het verplichte mobiliteitsbudget voor werkgevers: een uitgelezen advieskans voor accountants

28 September 2026 at 10:12

Vanaf 1 januari 2027 wordt het mobiliteitsbudget verplicht voor Belgische werkgevers. Hoewel het toekomstige wettelijke kader op enkele punten nog niet definitief is, is afwachten volgens Sofie Van Haele, B2B Marketing Manager bij Pluxee, geen goed idee. De deadline nadert immers snel, en de voorbereiding vraagt de nodige tijd en middelen. Als accountant biedt deze nieuwe regelgeving mooie kansen om jouw klanten proactief te begeleiden.

Wachten op de wet of nu al voorbereiden?

“Een mobiliteitsbudget voer je als werkgever niet van vandaag op morgen in”, steekt Sofie Van Haele van wal. “Je moet eerst weten wat jouw bedrijfswagens werkelijk kosten, welke werknemers in aanmerking komen en welke keuzes je wilt aanbieden.”

“De federale regering noemt onder meer een drempel van minstens 50 werknemers. Daarbij gaat het om het aantal werknemers en niet om het aantal bedrijfswagens. De verplichting tot mobiliteitsbudget zou relevant zijn van zodra een werknemer een bedrijfswagen heeft of er recht op heeft.

Belangrijk is ook dat de verplichting bij de werkgever ligt. De werknemer behoudt de keuze om de bedrijfswagen te behouden of voor een mobiliteitsbudget te kiezen.”

“Voor kleinere ondernemingen wordt een mogelijke toekomstige drempel van 15 werknemers genoemd, maar de timing en precieze wettelijke basis daarvan zijn nog onzeker.”

De voorbereiding begint bij de echte kostprijs

Een van de eerste opdrachten voor werkgevers is het berekenen van de Total Cost of Ownership (TCO) van hun bedrijfswagens. En precies daar kun je als accountant jouw klanten ondersteunen, waarbij je de volgende vragen beantwoordt:

  • Wat kost het huidige wagenpark werkelijk?
  • Welke werknemers hebben een bedrijfswagen of hebben er recht op?
  •  Welke budgetten zijn logisch per functie of werknemerscategorie?
  • Welke mobiliteitsopties wil de werkgever aanbieden?
  •  Wanneer kan een werknemer instappen of opnieuw uitstappen?
  •  Welke impact heeft het systeem op de loonadministratie?

“Wie pas in december 2026 begint na te denken over een beleid dat vanaf januari moet functioneren, komt mogelijk te laat”, waarschuwt Sofie. “Mobiliteit raakt rechtstreeks aan verloning en is dus vaak een gevoelig onderwerp. Daarom mijn advies om het mobiliteitsbudget niet uitsluitend als een bijkomende administratieve verplichting te bekijken.

Het kan ook een instrument zijn om werknemers meer flexibiliteit te geven, het loonpakket aantrekkelijker te maken en je als werkgever sterker te positioneren op een krappe arbeidsmarkt.”

Adviesopportuniteit voor accountants

Als adviseur ken je de financiële realiteit van jouw klanten. Op die manier kun je mee helpen analyseren welke kosten aan het huidige wagenpark verbonden zijn en welke gevolgen alternatieve keuzes hebben voor de onderneming.

“Dat betekent niet dat je alle technische aspecten alleen moet beheersen”, aldus Sofie. “Een samenwerking met gespecialiseerde mobiliteitspartners en tools kan een belangrijke rol spelen. Maar als accountant kun je wel het gesprek openen en jouw klanten proactief wijzen op de nood aan voorbereiding. Je kunt dus samen nadenken over een mobiliteitsbeleid dat ook op langere termijn werkt.”

Mobiliteit is meer dan een treinabonnement

Een mobiliteitsbudget kan, binnen de toepasselijke voorwaarden, voor uiteenlopende doeleinden worden ingezet. De besproken mogelijkheden omvatten onder meer:

  • trein-, bus- en metroabonnementen
  • fietsen en elektrische steps
  • fietsherstellingen en stallingskosten
  • bepaalde Europese treinreizen (openbaar vervoer in Europa)
  • onder voorwaarden huur- of leninglasten

“Die laatste mogelijkheid maakt het systeem voor veel werknemers bijzonder aantrekkelijk”, bevestigt Sofie. “Een werknemer kan het budget voor huisvestingskosten gebruiken wanneer hij of zij binnen een straal van 10 kilometer van de werkplaats woont of minstens 50% thuiswerkt. Wanneer slechts een deel van het mobiliteitsbudget aan huur of een lening wordt besteed, kan het resterende bedrag bijvoorbeeld nog voor treinvervoer worden gebruikt.”

“Interessant om weten is ook dat gezinsleden in bepaalde gevallen mee kunnen profiteren van de mogelijkheden. Denk aan een trein- of busabonnement voor kinderen, een elektrische step voor een gezinslid of treintickets voor een gezinsreis.

Bij aankopen zoals fietsen moet de factuur wel op naam van de werknemer staan.”

Goede policy voorkomt discussies

Een mobiliteitsbudget zonder duidelijke spelregels is vragen om problemen. Werkgevers doen er volgens Sofie Van Haele goed aan om vooraf een schriftelijke mobiliteitspolicy op te stellen.

Daarin moeten minstens afspraken staan over:

  • Doel van het mobiliteitsbudget
  • Voorwaarden
  • Berekening van het mobiliteitsbudget
  • Gebruik van het budget – regels, diensten en fiscale gevolgen
  • Tools om het mobiliteitsbudget te beheren
  • Controles en conformiteit
  • Beëindigingen en wijzigingen (einde contract, promotie)
  • Hoe een aanvraag indienen
  • Wettelijk kader
  • De toegelaten mobiliteitsvormen
  • De vereiste bewijsstukken
  • De behandeling van professionele verplaatsingen
  • De voorwaarden om in te stappen
  • De modaliteiten om opnieuw uit te stappen
  • De mogelijke terugkeer naar een bedrijfswagen

“Dat laatste punt wordt soms onderschat. Een werknemer kan later door een gewijzigde woon- of gezinssituatie opnieuw behoefte hebben aan een wagen. Ook moet duidelijk zijn wanneer een bestaande bedrijfswagen kan worden ingeleverd, bijvoorbeeld na afloop van een leasingcontract of wanneer een andere werknemer de wagen overneemt.”

“Professionele verplaatsingen vormen een afzonderlijk aandachtspunt. Wanneer een werknemer naar een klant, opleiding, beurs of andere professionele activiteit reist, moet de werkgever duidelijk bepalen hoe die kosten worden gedragen en terugbetaald. Die kosten hoeven niet automatisch van het individuele mobiliteitsbudget af te gaan.”

Automatisering maakt het verschil

De administratieve complexiteit is een belangrijke reden waarom werkgevers opkijken tegen een mobiliteitsbudget. Toch kan automatisering een groot deel van die last opvangen.

Mobiliteitstools kunnen bijvoorbeeld helpen bij:

  • TCO- en budgetbeheer
  • het goedkeuren van transacties
  • het uploaden van tickets en facturen
  • controles op verplichte bewijsstukken
  • waarschuwingen bij bepaalde bedragen
  • rapportering richting payroll of sociaal secretariaat

Sofie Van Haele: “Ook voor accountants is dit relevant. Een betere gegevensstroom en duidelijke rapportering kunnen de verwerking en opvolging vereenvoudigen. Bij de keuze van een tool zijn gebruiksvriendelijkheid, aanpasbaarheid aan het eigen beleid en integraties met payroll belangrijke criteria.”

AWW-compliance: van administratieve last naar een toetsingsklaar dossier

25 September 2026 at 14:39

Op 10 juli 2027 wordt de Europese antiwitwasverordening van kracht. Het gaat hier om een verordening, geen richtlijn. Er komt dus geen Belgische omzetting die de scherpe kanten eraf haalt. Dat geeft accountantskantoren nauwelijks tien maanden om hun AWW-dossier op orde te krijgen. En een dossier op orde is iets anders dan een beleid in de kast. 

Tijdens een webinar van AccountancyVandaag (15 september 2026, gemodereerd door Dorien Leyers) lichtte Christiaan Dappers, CEO van ComplianceWise, toe hoe automatisering en AI accountants kunnen helpen om hun AWW-dossiers structureel op orde te houden.

Compliance is meer dan een document in de kast

Een AWW-beleid opstellen is één zaak. Er ook daadwerkelijk naar handelen, de nodige documenten up-to-date houden, risico’s blijven opvolgen en bij een toetsing kunnen aantonen dat alle procedures correct zijn toegepast, is iets anders.

Volgens Christiaan Dappers ligt daar voor heel wat accountantskantoren een belangrijke uitdaging.

“Een AWW-beleid is bijvoorbeeld niet altijd aangepast aan de evolutie van een kantoor of zijn klantenbestand. Nieuwe medewerkers, bijkomende klanten of een overname kunnen ervoor zorgen dat bestaande procedures niet langer volledig aansluiten bij de realiteit.

Ook bij het klantenonderzoek loopt het soms mis. Accountants moeten hun klanten grondig leren kennen en de relevante risico’s beoordelen, maar in de praktijk worden niet altijd alle stappen van die flow doorlopen.”

“Met ComplianceWise richten we ons specifiek op accountants. Onze oplossing Grub is gekoppeld aan de ITAA-voorschriften en bevat geautomatiseerde acties die accountants door de verschillende stappen van het AWW-proces leiden.”

127 acties om toetsingsklaar te zijn

Hoe uitgebreid zo’n proces kan zijn, blijkt uit de aanpak van ComplianceWise.

“Op basis van het ITAA-kwaliteitshandboek en de AWW-verplichtingen werden alle acties die nodig zijn voor een AWW-toetsing in kaart gebracht”, legt Christiaan uit.

“Een ogenschijnlijk eenvoudige wettelijke verplichting kan daarbij verschillende concrete acties omvatten. Zo vertaalt het volledig vastleggen van de eigendoms- en zeggenschapsstructuur zich in negen acties.”

In totaal identificeerde ComplianceWise 127 acties. “Daarvan zijn er 70 volledig geautomatiseerd, 33 gedeeltelijk geautomatiseerd en blijven 24 acties manueel. Het uitgangspunt: zoveel mogelijk repetitief werk uit handen nemen, zonder het professionele oordeel van de accountant te vervangen.”

“Onze Grub-software biedt onder meer risicobeleid en procedures, cliëntacceptatie, risicoprofielen en continue monitoring.”

Niet wachten tot de controle voor de deur staat

Christiaan Dappers ziet nog een andere belangrijke valkuil: kantoren die afwachten tot ze daadwerkelijk met een toetsing worden geconfronteerd.

“Dat is geen verstandige aanpak, zeker omdat er in 2027 nieuwe Europese AMLR-wetgeving aankomt. Vandaag heeft elke EU-lidstaat nog een eigen wettelijk kader. De Europese regelgeving moet voor meer uniformiteit tussen de 27 lidstaten zorgen en tegelijk de interpretatieruimte verkleinen. Voor accountants betekent dat vooral dat een degelijk AWW-beleid niet mag afhangen van individuele medewerkers. Iedereen binnen het kantoor moet op een consistente manier met risicobeoordeling en klantacceptatie omgaan.”

AI als assistent, niet als eindverantwoordelijke

Ook AI krijgt een plaats in die aanpak. ComplianceWise gebruikt daarvoor onder meer het eigen AI-model GrubAI. “Dat kan repetitieve taken ondersteunen en relevante antwoorden suggereren op vragenlijsten”, bevestigt Christiaan. “Ons doel: manuele verrichtingen maximaal beperken en meer consistentie in risicobeoordelingen brengen.”

“Toch mag je als accountant nooit blind vertrouwen op AI. Je moet altijd kunnen verantwoorden hoe bepaalde informatie werd verzameld en waarop een conclusie is gebaseerd. Dat maakt menselijke kwaliteitscontrole essentieel. Technologie kan gegevens verzamelen, patronen herkennen en repetitieve handelingen overnemen. Het uiteindelijke oordeel blijft bij de accountant.”

Van ‘denken dat je compliant bent’ naar aantoonbare compliance

De kern van Christiaan’s boodschap is dan ook eenvoudig: AWW-compliance stopt niet bij het opstellen van een beleid. “Klanten veranderen, risico’s evolueren en regelgeving wordt aangepast. Continue waakzaamheid blijft dus noodzakelijk.

Door procedures te structureren en waar mogelijk te automatiseren, ben je met ComplianceWise tegelijk efficiënter én beter voorbereid op een toetsing.

Onze software moet daarbij vooral het repetitieve werk verminderen, zodat je tijd overhoudt voor wat niet geautomatiseerd kan worden: professioneel beoordelen, afwegen en beslissen.”

“Efficiëntie als groeimotor: Hoe Foederer met Admisol repetitief werk schrapt voor meer advieswaarde”

25 September 2026 at 13:05

Hoe pakt een toonaangevend accountantskantoor als Foederer het digitaliseringsproces binnen haar organisatie aan? Die aanpak gaat al meer dan twintig jaar hand in hand met Admisol. Wouter Vandijck, vennoot bij Foederer, en Adriaan Conickx, Business unit manager bij Admisol, kijken intussen vooral vooruit: naar automatische verwerking, slimmer gebruik van Peppol-data en AI. Tegelijk blijft één element volgens hen onvervangbaar: de accountant die als vakspecialist cijfers in de juiste context kan plaatsen.

Van online boekhouden naar geïntegreerde werkomgeving

Foederer telt ongeveer honderd medewerkers, verspreid over drie Limburgse vestigingen. Het kantoor begeleidt zowel kleine zelfstandigen als grotere ondernemingen en groepen, en combineert financiële en fiscale dienstverlening met onder meer successie- en vermogensplanning, advies en audit.

Voor Wouter Vandijck, vennoot en verantwoordelijk voor het kantoor in Bree en het IT-beleid op groepsniveau, is digitalisering al lang geen nieuw verhaal meer. Als programmeur-analist van opleiding zag hij de accountancysector stap voor stap veranderen.

“Wij werken al sinds het midden van de jaren 2000 met Admisol”, vertelt hij. “Wat ons toen vooral aansprak, was dat het systeem al volledig online beschikbaar was. Op een moment dat veel boekhoudpakketten nog lokaal draaiden, konden klanten en accountants hier al in dezelfde omgeving samenwerken.”

“Dankzij die online aanpak konden klanten zelf documenten verwerken, terwijl onze kantoormedewerkers meekeken en waar nodig bijstuurden. Bankkoppelingen, documentherkenning en digitale documentverwerking sloten daar logisch bij aan.” 

Minder papier, minder opvolging

De digitalisering heeft volgens Wouter vooral veel repetitief werk uit de dagelijkse praktijk gehaald. “Waar onze medewerkers vroeger documenten bij klanten moesten opvragen, facturen moesten scannen en ontbrekende stukken opvolgen, komen gegevens vandaag rechtstreeks digitaal binnen. De opkomst van Peppol sluit daar mooi bij aan, want onze klanten waren al gewend om documenten digitaal aan te leveren. Daardoor was de overstap naar Peppol veel minder ingrijpend. In feite viel vooral het scanproces weg.”

De elektronische factuur brengt bovendien meer informatie mee dan alleen een bedrag en een leverancier. “Die gestructureerde data bieden kansen voor verdere automatisering”, aldus Wouter. “Tegelijk blijft de internationale context een aandachtspunt. Niet alle Europese landen evolueren even snel naar dezelfde standaarden, wat voor een kantoor in een grensregio extra complexiteit kan veroorzaken.”

Eén platform zorgt voor meer uniformiteit

Digitalisering gaat echter niet alleen over technologie. Ook de manier waarop een kantoor georganiseerd is, bepaalt hoeveel rendement het uit die technologie haalt.

In Bree koos Foederer er bewust voor om alle klanten op Admisol te laten werken. Dat levert volgens Wouter Vandijck verschillende voordelen op: “Medewerkers hoeven minder verschillende systemen te kennen, opleidingen worden eenvoudiger en dossiers zijn gemakkelijker overdraagbaar bij afwezigheden. Vroeger werkten we met acht verschillende boekhoudpakketten. Dat aantal hebben we sterk kunnen terugbrengen. Eén platform voor een groot deel van de dossiers maakt de organisatie gewoon efficiënter.”

Admisol en AdminPulse behoren intussen tot de dagelijkse werkomgeving van de medewerkers. Waar AdminPulse onder meer voor tijdregistratie wordt gebruikt, blijft Admisol voor veel medewerkers gedurende de volledige werkdag geopend.

Software ontwikkelen vanuit de praktijk

De samenwerking met Admisol gaat verder dan het gebruik van software. Volgens Adriaan Conickx is er sprake van een wisselwerking waarbij de praktijk rechtstreeks input levert voor de verdere ontwikkeling.

“Foederer geeft ons waardevolle feedback over functies die het werk van accountants eenvoudiger kunnen maken. Die input nemen we mee in de ontwikkeling. Het gaat vaak om heel concrete zaken waarvan je pas merkt hoe waardevol ze zijn wanneer je ze dagelijks gebruikt.

Denk bijvoorbeeld aan handige shortcuts voor veelvoorkomende acties of het geautomatiseerd voorstellen van vaste boekingspatronen. Zulke slimme details beperken dagelijks heel wat repetitieve handelingen. Ook onze recent gelanceerde AI-OCR, die documenten automatisch herkent en uitleest, is daar een goed voorbeeld van: het manueel ingeven van gegevens valt grotendeels weg, zodat accountants meer tijd overhouden voor hun klanten. Op die manier vertrekken we als softwareontwikkelaar vanuit de dagelijkse praktijk en niet vanuit technologie om de technologie.”

AI schuift op naar de voorgrond

De volgende grote stap is uiteraard artificiële intelligentie. Zowel Wouter Vandijck als Adriaan Conickx zien vooral veel potentieel in financiële analyse. “Waar accountants vroeger gegevens naar Excel exporteerden en daar zelf analyses en formules op loslieten, kunnen AI-toepassingen steeds meer automatisch inzichten genereren”, bevestigt Adriaan.

“Ik denk hierbij aan het analyseren van balansen en jaarrekeningen, het signaleren van trends en bedreigingen, het vergelijken van historische ratio’s of het benchmarken van ondernemingen tegenover sectorgenoten.”

Binnen Foederer bestaan daarom innovatie-werkgroepen, waaronder een specifieke AI-werkgroep. Wouter Vandijck: “Die werkgroep volgt de markt en onderzoekt welke toepassingen daadwerkelijk bruikbaar zijn. Zelf technologie ontwikkelen is daarbij niet noodzakelijk het uitgangspunt. Als een betrouwbare oplossing al bestaat, ligt het meer voor de hand om die te integreren.”

De financiële motor blijft centraal

Ook de architectuur rond de boekhouding verandert. Admisol vormt binnen Foederer de financiële basis van de gegevensstroom. Vanuit het systeem worden gegevens bijvoorbeeld doorgestuurd naar Silverfin voor rapportering. Daarnaast bekijkt het kantoor mogelijkheden met gespecialiseerde analyse- en AI-tools.

“Wij willen vooral sterk blijven in onze kernfunctie en tegelijk connecteren met gespecialiseerde toepassingen”, legt Conickx uit.

“De boekhoudsoftware blijft de centrale motor, terwijl andere oplossingen daarop kunnen aansluiten voor pre-accounting, post-accounting, rapportering, managementinformatie of AI-analyse.”

Dat model moet volgens hem vermijden dat één systeem alles moet kunnen. “Connectiviteit wordt minstens even belangrijk als functionaliteit.”

Minder boeken, meer adviseren

Wouter Vandijck verwacht dat aankoopfacturen en andere financiële gegevens binnen enkele jaren grotendeels automatisch verwerkt kunnen worden. “Naarmate systemen meer dossierkennis opbouwen, kunnen ze rekening houden met historische boekingen, terugkerende transacties, herkenningsregels en de specifieke structuur van een onderneming.”

Dat betekent echter niet dat de accountant overbodig wordt. Integendeel. “Het repetitieve werk zal verder verdwijnen, maar de menselijke rol wordt daardoor net belangrijker. Als accountant en vertrouwenspersoon blijven we nodig voor interpretatie, fiscale en juridische afwegingen, successie- en vermogensplanning en het bespreken van bedrijfsstructuren. En vooral: voor het gesprek met de ondernemer.”

AI vraagt ook nieuwe competenties

Die ontwikkeling stelt tegelijk nieuwe eisen aan accountants. Medewerkers moeten niet alleen met AI-tools kunnen werken, maar ook begrijpen welke gegevens ze invoeren, wat met die informatie gebeurt en hoe betrouwbaar de output is.

“Dat is des te belangrijker omdat ook onze klanten AI gebruiken om hun jaarrekening of balans te analyseren”, geeft Wouter aan. “Wanneer zo’n analyse afwijkt van de conclusie van onze interpretatie, moeten we het verschil kunnen verklaren.”

“AI-output mag je nooit zomaar overnemen”, vult Adriaan Conickx aan. “De accountant moet de resultaten kunnen controleren en in de juiste context plaatsen. Daarmee verschuift ook het profiel van de accountant. Technische kennis blijft belangrijk, maar communicatie, kritisch denken en het vermogen om complexe informatie begrijpelijk uit te leggen winnen aan belang.”

Efficiëntiewinst verandert ook het verdienmodel

Meer automatisering heeft tot slot gevolgen voor een klassiek discussiepunt: de facturatie. Foederer werkt nog grotendeels met het model van uren maal tarief, al zijn er ook klanten met een forfait of urenbudget.

Adriaan Conickx licht toe: “Als software ervoor zorgt dat een taak minder tijd kost, ontstaat capaciteit om meer klanten te bedienen of bestaande klanten uitgebreider te adviseren. De vraag is dan ook niet alleen hoeveel tijd technologie bespaart, maar vooral wat een kantoor met die vrijgekomen tijd doet. Minder repetitief werk kan ruimte creëren voor meer advies, betere klantenbegeleiding en bijkomende dienstverlening.”

Als AI de cijfers overneemt, wat wordt dan de rol van de accountant van morgen?

25 September 2026 at 13:05

Artificiële intelligentie vindt geleidelijk haar weg naar accountantskantoren. Na jaren van digitalisering en automatisering breekt een nieuwe fase aan: software voert niet langer alleen taken uit, maar wordt ook steeds beter in het analyseren van gegevens, het detecteren van afwijkingen en het herkennen van bepaalde trends.

Voor financiële professionals en accountants roept die evolutie een belangrijke vraag op: als technologie een steeds groter deel van de verwerking overneemt, waar ligt dan morgen de echte toegevoegde waarde van de accountant?

Van cijfers verwerken naar cijfers interpreteren

De verandering van het beroep is al volop bezig. Documenten worden digitaal aangeleverd, facturen kunnen automatisch verwerkt worden en heel wat repetitieve taken worden vandaag al door software uitgevoerd.

Met AI gaat die evolutie nog een stap verder. Technologie kan grote hoeveelheden gegevens snel verwerken, patronen herkennen en informatie naar voren brengen die extra aandacht verdient. Daardoor verandert ook de rol van de accountant geleidelijk.

Het gaat niet langer alleen om het correct verwerken van cijfers, maar ook om begrijpen wat die cijfers betekenen. Niet alleen vaststellen wat er is gebeurd, maar ondernemers helpen om hun situatie beter te begrijpen en onderbouwde beslissingen te nemen. Zo evolueert het beroep steeds meer naar advies, analyse en begeleiding.

AI als hulpmiddel, niet als vervanging

De vraag is dan ook misschien niet welke taken AI van de accountant kan overnemen, maar eerder wat professionals kunnen doen met de tijd en inzichten die technologie hen oplevert.

Minder tijd voor repetitieve taken kan bijvoorbeeld meer ruimte creëren voor gesprekken met klanten. Een snellere analyse van gegevens kan helpen om bepaalde signalen eerder op te merken. En beter gestructureerde informatie kan ervoor zorgen dat bepaalde uitdagingen sneller met de ondernemer besproken kunnen worden.

Tegelijk brengt deze evolutie nieuwe vragen met zich mee. Hoe ver kunnen we vertrouwen op een geautomatiseerde analyse? Hoe behouden professionals de controle over beslissingen? Welke vaardigheden hebben medewerkers in de toekomst nodig? En hoe moeten accountantskantoren hun organisatie aanpassen?

AI maakt menselijke expertise dus niet overbodig. Integendeel: het vermogen om informatie te interpreteren, in context te plaatsen en te vertalen naar advies wordt mogelijk alleen maar belangrijker.

Een evolutie die ook centraal staat bij Horus Software

Die ontwikkeling staat ook centraal in de verdere ontwikkeling van Horus Software, een Belgische softwareleverancier voor accountants en boekhoudkantoren.

Het ecosysteem bestaat uit verschillende complementaire oplossingen: Horus voor boekhouding en dossierbeheer, Falco voor facturatie en de financiële processen stroomopwaarts, en Nebra voor de ondersteuning na de boekhoudkundige verwerking, onder meer op het vlak van controle, rapportering en analyse.

De ambitie is om boekhoudsoftware geleidelijk verder te laten evolueren: van een tool die registreert en automatiseert naar technologie die ook observeert, analyseert en de aandacht vestigt op elementen die menselijke tussenkomst verdienen.

AI krijgt daarbij een steeds belangrijkere plaats binnen de verdere ontwikkeling van Horus, met als doel om nog meer mogelijkheden te creëren op het vlak van data-analyse en ondersteuning van professionals.

Naar een meer proactieve accountancy?

Op termijn kan deze evolutie ook de manier waarop accountants met hun klanten samenwerken veranderen.

Professionals kunnen mogelijk meer tijd besteden aan het begeleiden van een beslissing vóór die wordt genomen, in plaats van de gevolgen ervan pas achteraf te analyseren.

De vraag wordt dan misschien minder:“Wat is er gebeurd?” en steeds meer: “Wat vertellen deze gegevens ons en wat kunnen we ermee doen?”

Technologie kan informatie aanreiken, trends identificeren of de aandacht vestigen op bepaalde situaties. Maar de kennis van de klant, het begrijpen van zijn context en het vermogen om die informatie te vertalen naar relevant advies blijven menselijke troeven.

Precies rond deze transformatie organiseert Horus Software op 29 oktober 2026 in Gent “The Future of Finance”, met de gewaardeerde steun van Liantis.

Tijdens het event gaat Bart Becks in op de impact van AI op de financiële sector en accountancy. Na de keynote volgt een panelgesprek en een Q&A, met aansluitend een netwerkmoment om de gesprekken verder te zetten.

Het doel? Samen stilstaan bij de evoluties die vandaag al bezig zijn en nadenken over een vraag die steeds relevanter wordt voor financiële professionals:

Als AI een steeds groter deel van de cijfers kan verwerken, waar maakt de accountant morgen dan écht het verschil?

The Future of Finance

📅 Donderdag 29 oktober 2026

📍 RodeBol, Gent

🎟 Deelname is gratis – inschrijving verplicht

👉 Schrijf je gratis in voor het event

Wolters Kluwer integreert Libra AI-workflows in monKEY

25 September 2026 at 11:56

De add-in van Libra by Wolters Kluwer brengt AI-functionaliteiten rechtstreeks naar de vertrouwde fiscale researchomgeving van monKEY en vormt een belangrijke mijlpaal in de verdere uitbreiding van Libra naar verschillende klantsegmenten.

Met de add-in van Libra by Wolters Kluwer krijgen klanten vanuit hun vertrouwde monKEY-researchomgeving rechtstreeks toegang tot de AI-functionaliteiten van Libra. Zo wordt generatieve AI gecombineerd met fiscaal onderzoek op basis van jarenlang betrouwbare content van experts.

“Met de integratie van Libra in monKEY zetten we opnieuw een belangrijke stap naar geïntegreerde, AI-gedreven workflows voor onze klanten,” zegt Rimco Spanjer, Vice President & Managing Director van Wolters Kluwer Legal & Regulatory Benelux. 

“We brengen de kracht van AI samen met de betrouwbare en actuele fiscale content waarop professionals dagelijks vertrouwen. Zo ondersteunen we hen om sneller tot relevante inzichten te komen, zonder de verbinding met de onderliggende vakkennis te verliezen.”

De integratie vormt ook een belangrijke mijlpaal in de uitbreiding van Libra by Wolters Kluwer buiten juridische workflows. Ze brengt betrouwbare AI-functionaliteiten naar taxprofessionals en vergroot zo de relevantie van Libra voor een bredere groep klanten.

De lancering bouwt voort op de verdere integratie van Libra met de research- en praktijkmanagementproducten van Wolters Kluwer in Europa. Zo werden Libra’s AI-workflows al geïntegreerd in InView Legal in België en verbonden met Kleos. Daarnaast kan betrouwbare content uit InView Legal, Kluwer Law International en monKEY al gebruikt worden in de juridische AI workspace van Libra by Wolters Kluwer.

Libra brengt het opstellen, analyseren en beoordelen van professionele teksten samen en blijft daarbij nauw verbonden met de onderliggende bronnen. Zo kunnen gebruikers vertrouwen op herleidbare content van experts.

Accountable bouwt fiscale bescherming uit met automatische rechtsbijstandsverzekering

25 September 2026 at 11:50

Accountable, het boekhoudplatform voor zelfstandigen, breidt zijn beschermingsaanbod uit met een automatische rechtsbijstandsverzekering bij belastingcontrole. De verzekering wordt onderschreven door ARAG en beheerd door makelaar All Insure. 

Na de belastinggarantie, die klanten met een Belastingen- of Max-plan ondersteunt bij hun aangifte, biedt Accountable nu ook klanten met een jaarlijks Max-plan bescherming wanneer de fiscus een controle start. Zij krijgen tot €5.000 aan boekhoudkundige en juridische kosten gedekt voor de verdediging van hun dossier, van de eerste brief van de FOD Financiën tot een eventueel bezwaar of rechtszaak. Zo wil Accountable zelfstandigen in België niet alleen helpen om hun belastingen correct te regelen, maar hun ook fiscale gemoedsrust bieden wanneer vragen of controles volgen.

Ondersteuning van de eerste brief tot de rechtszaak  

Een brief van de fiscus is voor veel eenmanszaken een van de grootste stressfactoren, ook wanneer zij hun administratie zorgvuldig hebben bijgehouden. Accountable integreert deze rechtsbijstandsverzekering voortaan standaard in het jaarlijks Max-plan, zonder extra stappen of kosten. Concreet voorziet Accountable een dekking tot €5.000 per dossier, met een tarief van maximaal €160 per uur (excl. btw) voor experts en adviseurs. ARAG onderschrijft de verzekering die wordt beheerd door All Insure.  

Klanten betalen niets extra en hoeven geen stappen te ondernemen: de dekking is automatisch inbegrepen in hun jaarlijks Max-plan en loopt vanaf 1 januari van het jaar waarin zij intekenen. 

“Zelfstandigen moeten zowel hun belastingen correct kunnen regelen als met vertrouwen kunnen reageren wanneer de fiscus vragen stelt. Daarom bouwen we bij Accountable verder op de belastinggarantie die al deel uitmaakt van onze bescherming: met deze rechtsbijstandsverzekering staan klanten met een jaarlijks Max-plan er ook bij een belastingcontrole niet alleen voor. Van de eerste brief van de fiscus tot de verdere verdediging van hun dossier bieden we hen de ondersteuning en gemoedsrust die ze nodig hebben”, zegt Isabel Senden, Chief Revenue Officer bij Accountable. 

Voor wie geldt dit aanbod?

Deze dekking geldt enkel voor zelfstandigen als natuurlijk persoon (eenmanszaken) met maximum drie werknemers, op het jaarlijks Max-plan. Vennootschappen komen niet in aanmerking. Gebruikers ontvangen een co-branded certificaat (Accountable + ARAG) in de app als bewijs van hun dekking en behouden de vrije keuze van boekhouder; indien gewenst verwijst Accountable hen door naar een partnerboekhouder. Wie al een lopende controle had vóór de start van de dekking, een laattijdige of niet-ingediende aangifte, fraude of een privé-fiscaal geschil, komt niet in aanmerking voor deze bescherming. 

Met deze uitbreiding bouwt Accountable verder aan zijn missie om zelfstandigen in elke fase van hun fiscale traject een betrouwbare partner te zijn: van de eerste aangifte tot de eventuele verdediging ervan.

# 10 redenen waarom employer branding binnen jouw kantoor voor een groeispurt kan zorgen

25 September 2026 at 10:35

Een accountantskantoor kan nog zoveel groeiplannen hebben, zonder de juiste mensen blijft die groei beperkt. Employer branding is daarom niet alleen een HR-verhaal. Het kan een rechtstreekse impact hebben op de capaciteit en schaalbaarheid van je kantoor.

Meer klanten aannemen, grotere dossiers opnemen, nieuwe diensten uitbouwen of een extra vestiging openen: het klinkt allemaal mooi. Maar voor elke groeistap heb je mensen nodig.

En daar zit vandaag voor veel kantoren de uitdaging.

Wie geen talent kan aantrekken en behouden, kan zijn commerciële ambities ook moeilijk realiseren.

Employer branding kan daarin een belangrijke rol spelen. Niet omdat een mooie Instagram-pagina plots voor meer omzet zorgt, maar omdat een sterk werkgeversmerk je helpt om de capaciteit te creëren die groei mogelijk maakt.

1. Meer talent = meer capaciteit

Meer medewerkers betekent meer dossiers kunnen verwerken en meer klanten kunnen bedienen. Employer branding helpt je om structureel zichtbaar te zijn bij potentiële medewerkers, ook wanneer ze vandaag nog niet actief op zoek zijn.

Meer talent geeft je dus letterlijk meer ruimte om te groeien.

2. Minder openstaande vacatures = minder gemiste omzet

Een vacature die maanden openstaat, betekent capaciteit die niet wordt ingevuld. Ondertussen blijft werk liggen of moeten bestaande medewerkers extra dossiers opnemen.

Een sterk werkgeversmerk kan ervoor zorgen dat je sneller de juiste kandidaten bereikt en zo sneller opnieuw op volle capaciteit draait.

3. Je kunt meer klanten aannemen

Een kantoor kan commercieel perfect groeien, maar als het team vol zit, ontstaat een plafond.

Door voldoende mensen aan te trekken, creëer je ruimte om nieuwe dossiers aan te nemen. Employer branding ondersteunt zo niet alleen recruitment, maar ook je commerciële groeicapaciteit.

4. Je kunt nieuwe diensten uitbouwen

Wil je als kantoor sterker inzetten op advies, fiscaliteit, digitalisering of een specifieke niche? Dan heb je de juiste expertise nodig.

De juiste medewerker kan daardoor meer betekenen dan één extra paar handen: nieuwe expertise kan nieuwe diensten en dus nieuwe omzet creëren.

5. Je groeit zonder je team te overbelasten

Meer klanten met hetzelfde team betekent vaak simpelweg meer werkdruk. Dat is moeilijk vol te houden en kan uiteindelijk leiden tot verloop.

Een kantoor dat erin slaagt om zijn team mee te laten groeien met zijn klantenbestand, kan meer schaalbaar groeien zonder telkens tegen dezelfde capaciteitsgrens aan te lopen.

6. Je behoudt de mensen die je groei dragen

Groeien is niet alleen nieuwe medewerkers vinden. Je moet ook je bestaande talent behouden.

Elke ervaren medewerker die vertrekt, betekent verlies van kennis, capaciteit en vaak ook klantrelaties. Een sterke employer brand draagt bij aan een omgeving waarin mensen langer willen blijven.

Zo bescherm je niet alleen je team, maar ook je bestaande groeicapaciteit.

7. Je kunt sneller inspelen op opportuniteiten

Een grote klant dient zich aan. Een overnamekans komt voorbij. Je wilt een nieuwe activiteit starten.

Heb je geen mensen, dan kan zo’n kans plots te groot worden.

Een sterke positie op de arbeidsmarkt zorgt ervoor dat je sneller kunt opschalen wanneer een opportuniteit zich voordoet. Talent maakt je kantoor wendbaarder.

8. Je bouwt een voorsprong op andere kantoren

Kantoren concurreren vandaag niet alleen om klanten, maar ook om dezelfde accountants en dossierbeheerders.

Wie als werkgever sterker staat, heeft een grotere kans om talent aan te trekken dan een kantoor dat pas zichtbaar wordt wanneer het dringend iemand nodig heeft.

Een sterk werkgeversmerk kan zo een concurrentieel voordeel worden.

9. Je maakt personeelsgroei voorspelbaarder

Wie pas begint te zoeken wanneer er dringend iemand nodig is, loopt eigenlijk achter op zijn eigen groeiplannen.

Employer branding bouw je continu op. Daardoor heb je niet alleen een vacaturestrategie, maar werk je permanent aan je talentpool.

Dat maakt het makkelijker om je personeelsplanning af te stemmen op je commerciële ambities.

10. Je maakt je groeiplannen haalbaar

Een ambitie om over enkele jaren te verdubbelen klinkt goed. Maar hoeveel mensen heb je daarvoor nodig? Dat is misschien wel de belangrijkste vraag.

Employer branding zorgt ervoor dat de talentkant van je groeistrategie niet wordt vergeten. Je bouwt vandaag aan het werkgeversmerk dat je morgen nodig hebt om je ambities te realiseren.

Employer branding als groeistrategie

Employer branding zorgt natuurlijk niet rechtstreeks voor meer klanten. Maar het kan wel een belangrijke schakel zijn in de keten die groei mogelijk maakt:

Meer zichtbaarheid bij talent → meer geschikte medewerkers → meer capaciteit → meer ruimte voor klanten en nieuwe diensten → meer groeipotentieel.

Voor accountantskantoren die verder willen groeien, is employer branding daarom geen leuke extra naast de business. Het is een manier om ervoor te zorgen dat je kantoor de mensen heeft om zijn ambities waar te maken.

Over hoe je daar als accountancykantoor concreet mee aan de slag kunt, gaat Fidushare op 22 oktober verder tijdens Beyond the Balance in Gent: een avond rond employer branding, accountancy en de toekomst van talent in de sector.

❌